Lezing De geschiedenis van het Oude Maasje en het graven van de Bergsche Maas
Op dinsdag 9 december 2025 organiseert de Historische Kring "Het Oude Land van Heusden en Altena" in samenwerking met Archeologische Vereniging “Archeo-Altena” een lezing met als thema “Geschiedenis van het Oude Maasje en het graven van de Bergsche Maas”. De lezing wordt verzorgd door Gien van Wijk, bestuurslid van de heemkundekring Onsenoort.
De lezing vindt plaats in het Fort Giessen, Giessensesteeg 2, 4283 HP Giessen
Aanvang: 20.00 uur (inloop vanaf 19.30 uur).
De toegang is gratis voor leden, niet-leden betalen € 5,00.
In deze lezing vervolgt Gien van Wijk het verhaal dat Ad Hartjes op 18 oktober begon, maar wel vanuit een geheel eigen invalshoek. Hij richt zich nadrukkelijk op onze eigen omgeving: hoe hebben de Waal en de Maas het landschap gevormd waarin wij leven? En vooral: hoe hebben de mensen die hier door de eeuwen heen woonden dat landschap ervaren en beïnvloed?
Eeuwenlang zetten de rivieren zand en grind af. Op die natuurlijke verhogingen — de stroomruggen — ontstonden dorpen als Herpt, Oudheusden, Doeveren, Meeuwen en Eethen. Voor de bewoners waren deze hoger gelegen plekken niet zomaar stukjes land: het waren veilige eilanden in een wereld die altijd kon overstromen.
Ten zuiden van deze stroomruggen lagen uitgestrekte veenmoerassen, die tussen circa 1100 en 1500 werden ontgonnen tot landbouwgrond. Het veen werd als turf gewonnen en verhandeld naar de groeiende steden in Holland en Brabant. Voor het vervoer van turf maakte men gebruik van turfvaarten en van het Oude Maasje, dat eeuwenlang een belangrijke levensader was voor handel en transport.
Tijdens de Sint-Elisabethsvloed van 1421–1424 verdween een groot deel van de middeleeuwse loop van de Maas, die na eerdere afdammingen bij Hedikhuizen (1272) en Maasdam (1280) tot een binnenwater was geworden. Wat overbleef, ging op in het gebied dat we nu kennen als de Biesbosch.
Na 1500 kreeg het Oude Maasje een nieuwe functie bij de afwatering van polders en het onder water zetten van land bij oorlogsgevaar (inundatie). Maar de rivier bracht ook gevaar: door dijkdoorbraken in de 18e en 19e eeuw werden dorpen en akkers herhaaldelijk getroffen door overstromingen. Pas met het graven van de Bergsche Maas (1883–1904) en het Drongelens Kanaal kwam er een einde aan de eeuwenlange strijd tegen het water. Deze grootschalige waterbouwkundige werken vormden de basis voor het veilige en vruchtbare rivierenlandschap dat we vandaag kennen.